woensdag 14 februari 2018

Verkiezingen 2019: passief naar het stemhokje of met politieke geestdrift?

Na een weekendje Parijs stelde ik met verbazing vast hoe groot het verschil is tussen de politieke geestdrift van onze Franse vrienden en het gevoel dat onder de Belgen heerst.

Maxime Parmentier, ondernemer en economist, en lid van de Vrijdaggroep. Eveneens verschenen op knack.be op 9 februari 2018.

Na een weekendje Parijs stelde ik met verbazing vast hoe groot het verschil is tussen de politieke geestdrift van onze Franse vrienden en het gevoel dat onder de Belgen heerst. Terwijl ik de Fransen op elk terrasje lustig hoorde debatteren, beschouwen de Belgen hun verkiezingen als een vervelend karwei dat hun weekend om zeep helpt. Waarom zijn Belgen zo’n koele minnaars van politiek?

Oude politiek

Er zijn heel wat redenen voor te vinden, te beginnen bij onze institutionele complexiteit en het systeem van de evenredige vertegenwoordiging. Het heeft echter ook te maken met de politieke partijen die in crisis verkeren. Burgers vinden zich steeds minder terug in de oude politieke breuklijnen – progressief vs. conservatief, links vs. rechts – en dat terwijl de meeste partijen nog een monolithische ideologie uitdragen.

De burgers zeggen het zelf ook. Vorig jaar bleek uit een onderzoek van een team van politicologen van de ULB dat het aantal leden van de Belgische politieke partijen in de voorbije 20 jaar tot minder dan 5% gedaald is. Erger nog is dat meer dan 70% van de ondervraagden in 2017 aangaf geen vertrouwen te stellen in hun federale en regionale regering. Politieke partijen staan niet dicht genoeg bij de burger en programma’s zijn nog te vaak ontleend aan ideologische denkpatronen, soms achterhaald dan weer overdreven empirisch, luidt de verklaring.

Niet onlogisch, want hoe visionair een politicus ook mag zijn, hoe kan hij beweren dat hij weet wat het volk nodig heeft? Twintig jaar geleden kon dit misschien nog, maar nu de mondialisering, de ongelijkheid en de technologische vooruitgang dag na dag onze angsten en verwachtingen voeden, is dit niet meer mogelijk. Daarbij komt nog de heersende particratie in ons land waarin partijtrouw – onderpand voor politieke overleving – het veelal haalt van gedurfde ideeën.

Amazonpolitiek

Wat moet er dan gebeuren? Ik zie overal om mij heen start-ups verschijnen. Daarbij is het ordewoord altijd ‘lean start-up’. Het betekent dat je permanent de mensen bevraagt die je wil helpen met oplossingen die aan hun behoeften tegemoetkomen. Het recept komt van Jeff Bezos, de grote baas van Amazon: vermijd veronderstellingen en zorg voor een rechtstreeks kanaal om te communiceren met je publiek.

Heel wat politici in het buitenland hebben die boodschap al begrepen. De grassroots movement van Barack Obama steunde op een nooit eerder geziene benadering waarbij de basis voortdurend werd geraadpleegd. Via tal van kanalen, waaronder meer dan 2,6 miljoen ‘vrienden’ op Facebook (tegenover 9.000 voor de Republikeinen), konden de burgers rechtstreeks aan hun toekomstige vertegenwoordiger laten weten wat ze van hem verwachtten. Recenter zagen we de Grande Marche die door de beweging van Macron werd georganiseerd. Bijna honderdduizend burgers kregen via een deur-aan-deurenquête de vraag voorgelegd: wat gaat er goed in Frankrijk en wat gaat er niet goed? Een miljoen antwoorden en duizenden debatten later ontvouwde de leider van En Marche een pragmatisch project dat weliswaar vanuit een ambitieuze visie ontstond maar evengoed doordrenkt was van de verzuchtingen van de burgers.

Nieuwe Belgische politiek

Het ongenoegen over de politiek bedreigt onze democratische basis in België. Nu de volgende verkiezingsrondes in 2018 en 2019 eraan komen, zouden politieke partijen heel wat te winnen hebben bij meer pragmatisme en transparantie.

Waarom leggen ze hun oor niet te luisteren bij het volk, naar het voorbeeld van deze grassroot bewegingen? Uit eerdere ervaringen is gebleken dat hier slechts een bescheiden prijskaartje aan vasthangt wanneer oordeelkundig gebruik wordt gemaakt van de beschikbare technologie en een beroep wordt gedaan op vrijwilligers. Het doel? Ontdekken waar de echte prioriteiten van de burgers liggen en zich verzekerd weten van politieke legitimiteit. En opnieuw politieke geestdrift opwekken, zodat wij, burgers, ons weer naar de politiek toe keren omdat de politiek weer naar ons toe komt. Dit is een uitgelezen kans voor de (her)opbouw van een netwerk van ‘deur-aan-deur’-militanten die niet proberen om de burger te overtuigen maar die gewoon naar hem willen luisteren. En waarom deze directe dialoog tussen burgers en politici niet meteen bestendigen, zodat de verdienste behouden blijft? De Vrijdaggroep heeft ontelbare keren innovatieve oplossingen voor een e-democratie naar voren geschoven die de democratische uitwisseling tussen verkozenen en burgers nieuw leven zouden kunnen inblazen. Twee weken geleden verdienden Brusselaars Wietse Van Ransbeeck en Aline Muylaert met hun app CitizenLab hiermee zelfs nog een plaatsje op het presitigieuze Forbes’ 30 under 30.

Churchill zou ooit gezegd hebben dat er geen beter argument tegen de democratie te bedenken is dan een gesprek van vijf minuten met de gemiddelde kiezer. Wat er in dit beroemde citaat niet bij wordt verteld, is dat hij regelmatig vijf minuten de tijd nam om naar de gemiddelde kiezer te luisteren. Beste politieke kandidaten, gelieve ons met het oog op de nieuwe verkiezingen te raadplegen alvorens ons te vragen om uw politieke ideeën in het stemhokje al dan niet te valideren. Het mag zelfs op een terrasje zijn.